Aeneis 8.663–670 – Priesters en de Onderwereld

 

Latijnse tekst

Hic exsultantis Salios nudosque Lupercos
lanigerosque apices et lapsa ancilia caelo
665  extuderat, castae ducebant sacra per urbem
pilentis matres in mollibus. Hinc procul addit
Tartareas etiam sedes, alta ostia Ditis,
et scelerum poenas, et te, Catilina, minaci
pendentem scopulo Furiarumque ora trementem,
670  secretosque pios, his dantem iura Catonem.

Vragen

  1. Regel 663-666 hic t/m mollibus (MM42)
    Deze passage zou kunnen verwijzen naar Augustus politiek. Leg dit uit.
  2. Regel 663-666 (MM43)
    Citeer het tekstelement dat in deze regels verwijst naar smeedwerk.
  3. Regel 666-670 Hinc procul t/m Catonem (MM44)
    a. Wat symboliseren zij ieder?
    b. Waar in de onderwereld bevinden zij zich?
    c. Je bent in de Aeneis eerder dit beeld van de onderwereld tegengekomen. Licht dit toe.

Vertaling

De zevende scène gaat over Romeinse priesters, die overgaat in de achtste scène over de Onderwereld en twee inwoners daarvan.

Hic exsultantes Salios nudosque Lupercos
lanigerosque apices et lapsa ancilia caelo
665  extuderat, castae ducebant sacra per urbem
pilentis matres in mollibus. Hinc procul addit
Tartareas etiam sedes, alta ostia Ditis,
et scelerum poenas, et te, Catilina, minaci
pendentem scopulo Furiarumque ora trementem,
670  secretosque pios, his dantem iura Catonem.

Hier had hij de dansende Saliërs en de naakte Luperci
en de wollige puntmutsen en de heilige schilden, gevallen uit de hemel,
uitgeslagen, vrome moeders voerden heilige voorwerpen door de stad
in hun zachte staatsiekoetsen. Ver hiervandaan voegt hij
ook de plaatsen van de Tartarus toe, de hoge poorten van Dis,
en de straffen voor de misdaden/van de misdadigers, en jou, Catilina, aan een uitstekende
rots hangend en bevend voor de gezichten van de Furiën,
en afgezonderd de vromen, terwijl Cato aan hen recht geeft.

  • exsultantes t/m extuderat - polysyndeton
  • exultantes Salii - de Saliërs waren priesters van Mars, die dansend en springend (salire = springen) de god vereerden. De feestdag van Mars was op 1 maart.
  • nudi Luperci - de Luperci waren priesters van Pan (Faunus), die elk jaar op 15 februari het festival van de Lupercalia vierden. Hierbij renden ze vrijwel naakt, op een leren lendendoek na, door de stad, terwijl ze onderweg vrouwen met zwepen sloegen. De zweepslagen zouden dan vruchtbaarheid geven. (Dit is waarschijnlijk de voorloper van valentijnsdag.)
  • lanigeri apices - de Saliërs hadden bijzondere kledij: een puntmunts met bovenop een plukje wol met daardoorheen een olijftakje.
  • lapsa ancilia caelo - de Saliërs hadden als taak het heilige schild te bewaren, dat tijdens de regering van koning Numa uit de hemel gevallen zou zijn, waarvan het welzijn van Rome afhing. Om te voorkomen dat het geroofd zou worden, had Numa er elf bij laten maken, er waren als gevolg ook twaalf Saliërs. Grappig dus dat een schild, dat uit de hemel is komen vallen, afgebeeld is op een schild, dat uit de hemel is gebracht.
  • Catilina - de aartsvijand van Cicero, in 63 v. Chr. pleegde hij een mislukte staatsgreep. Hij werd ter dood veroordeeld, ondanks dat Caesar vroeg hem in leven te houden.
  • pendentem (a) scopulo (b) Furiarumque ora (b) trementem (a) - chiasme
  • Cato - Cato de Jongere was een felle tegenstander van Caesar. Hij pleegde zelfmoord omdat hij liever dood zou zijn dan in Caesars handen zou vallen.
  • Deze twee scènes hebben twee doelen. Ten eerste laten ze de religieuze activiteiten van vroeger zien, die Augustus weer in ere had hersteld. Ten tweede laten ze zien dat als je een goed leven leidt, je op een goede plek in de onderwereld eindigt.

Antwoorden op de vragen

  1. Regel 663-666 hic t/m mollibus (MM42)
    Deze passage zou kunnen verwijzen naar Augustus politiek. Leg dit uit.
    Augustus streefde na het verval van de burgeroorlogen naar moreel herstel en wilde de godsdienst nieuw leven inblazen door o.a. restauratie van vele tempels en het in ere herstellen van godsdienstige rites.
  2. Regel 663-666 (MM43)
    Citeer het tekstelement dat in deze regels verwijst naar smeedwerk.
    extuderat
  3. Regel 666-670 Hinc procul t/m Catonem (MM44)
    a. Wat symboliseren zij ieder?
    Catilina is het prototype van de staatsvijand, Cato is een rechtvaardige, loyale Romein.
    b. Waar in de onderwereld bevinden zij zich?
    In de onderwereld verblijft Catilina bij de misdadigers die gestraft worden en Cato bij de vromen.
    c. Je bent in de Aeneis eerder dit beeld van de onderwereld tegengekomen. Licht dit toe.
    In boek zes waar Anchises zijn zoon Aeneas zijn toekomstig nageslacht toont.

 

Romeinse kalender

Vergilius

» Over Vergilius
» Aeneis
» Ecloga
» Georgica