Epistulae 4.19 Een voorbeeldige echtgenote

Plinius schreef deze brief aan de tante van zijn echtgenote, Calpurnia. Hierin toont hij zijn respect en liefde voor haar.

Er is een wordbestand met de Latijnse tekst, de vertaling, en verdere uitleg over de grammatica, stijlfiguren en inhoud: Epistula 4.19 - Een voorbeeldige echtgenote

Brief met vertaling

C. PLINIUS CALPURNIAE HISPULLAE SUAE S.    Gaius Plinius groet zijn Calpurnia Hispulla.

Cum sis pietatis exemplum, fratremque optimum et amantissimum tui pari caritate dilexeris, filiamque eius uttuam diligas, nec tantum amitaeei adfectum verum etiam patris amissi repraesentes, non dubitomaximo tibi gaudio fore, cum cognoverisdignam patre, dignam te, dignam avoevadere.

Omdat jij een voorbeeld van toewijding bent, en jij je beste en jou zeer liefhebbende broer met passende liefde lief hebt gehad, en jij zijn dochter zoals de jouwe lief hebt, en jij niet alleen aan haar de liefde van een tante, maar ook van een verloren vader betoont, twijfel ik niet dat het voor jou tot de grootste vreugde zal zijn, wanneer jij zult hebben vernomen dat ze zich ontwikkelt tot waardig aan haar vader, waardig aan jou, waardig aan haar opa.

sis, dilexeris, diligas               coniunctivus causalis

tui                                           genitivus obiectivus bij amantissimum

nec tantum verum etiam   niet alleen … maar ook

repraesentes                          coniunctivus concessivus

fore                                         =futurum esse

gaudio (esse)                          dativus finalis

cognoveris                             futurum exactum

dignam patre t/m avo           trikolon, asyndeton, anafoor, parallellie

Summum est acumen, summa frugalitas; amatme, quod castitatis indicium est. Accedit his studium litterarum, quod ex mei caritate concepit. Meos libellos habet, lectitat, ediscit etiam. Qua illa sollicitudine, cum videor acturus, quanto, cum egi, gaudio adficitur!

Aan haar is de hoogste scherpzinnigheid, de hoogste bezonnenheid; ze houdt van me, wat het kenmerk van haar kuisheid is. Hierbij komt de interesse in de letteren, die zij uit haar liefde voor mij heeft opgevat. Mijn boekjes heeft ze, leest ze, leert ze zelfs van buiten. Zij wordt geraakt door welke bezorgdheid wanneer zij ziet dat ik een pleidooi ga houden en door zo een grote vreugde wanneer ik en pleidooi heb gehouden!

summum t/m frugalitas        anafoor

est                                          dativus possessivus; ellips van ei

quod                                       relativum met ingesloten antecedent

his                                           Voeg in toe: hierbij; verwijst naar summum t/m frugalitas

litterarum                              genitivus obiectivus bij studium

mei                                         genitivus obiectivus bij caritate

habet, lectitat, ediscit           trikolon, climax, asyndeton; benadrukt de betrokkenheid

acturus                                   = causam acturus een pleidooi houden

Disponit, qui nuntientsibi , quem adsensum, quos clamores excitarim, quem eventum iudici tulerim. Eadem, si quando recito, in proximo discreta velo sedet, laudesque nostras avidissimis auribus excipit. Versus quidem meos cantat etiam formatque cithara non artifice aliquo docente, sed amore, qui magister est optimus.

Zij regelt de mensen, opdat zij aan haar berichten, welk bijval, welke schreeuwen ik heb  geactiveerd, welk resultaat van het oordeel ik heb behaald. Tevens, als ik op een keer  voordraag, zit ze vlakbij afgescheiden door een gordijn, en neemt ze onze complimenten met de gretigste oren op. Zij zingt zelfs mijn verzen en begeleidt ze met de citer, omdat niet een of andere vakman onderwijst, maar de liefde, die de beste leermeester is.

qui                                          relativum met ingesloten antecedent; vul aan homines

nuntient                                 coniunctivus finalis

quem, quos, quem                repetitio

excitarim                                = excitaverim; coniunctivus perfectum actief

excitarim, tulerim                  coniunctivus interrogativus

quando                                  = aliquando
(na ni, nisi, num en ne, gaat ali
- niet met -quisje mee!)

discreta velo                          afgescheiden door een gordijn; het gordijn was een soort deur om de verschillende kamers van elkaar te scheiden. Schrijvers droegen vaak voor uit hun eigen werk, alleen de vrouwen konden hier niet bij zijn. Daarom ging Calpurnia in de buurt zitten, maar wel ‘stiekem’ achter een gordijn.

nostras                                   dichterlijk meervoud

artifice aliquo t/m amore      ablativus absolutus

His ex causis in spem certissimam adducor, perpetuam nobismaioremque in dies futuram esseconcordiam. Non enim aetatem meam aut corpus, quae paulatim occidunt ac senescunt, sed gloriam diligit.

Op grond van deze redenen word ik naar een zekere hoop gebracht, dat de eendracht voor ons eeuwigdurend en groter van dag tot dag zal zijn. Want niet mijn leeftijd of lichaam, die langzamerhand ondergaan en oud worden, maar de roem heeft ze lief.

Nec aliud decet tuis manibuseducatam, tuis praeceptisinstitutam, quaenihil in contubernio tuo viderit, nisi sanctum honestumque, quae denique amareme ex tua praedicatione consueverit.

En niets anders siert een door jouw handen grootgebrachte vrouw, door jouw voorschriften onderwezen vrouw, die niets in jouw omgang met iemand heeft gezien, tenzij een heilig en fatsoenlijk ding, dat tenslotte zich heeft gewend uit jouw prijzen mij te beminnen.

tuis t/m institutam                parallellie

educatam, institutam           zelfstandig gebruik, vertaal door vrouw toe te voegen

viderit, consueverit               coniunctivus definitivus

sanctum honestum               zelfstandig gebruik, vertaal door dingen toe te voegen

tua praedicatione                  Hispulla sprak van jongs af aan al met veel lovende woorden over Plinius tegen Calpurnia.

Nam, cum matrem meam parentis loco vererere, me a pueritia statim formare, laudare, talemque, qualis nunc uxori meae videor, ominari solebas. Certatim ergo tibigratias agimus, ego, quod illam mihi, illa, quod me sibi dederis, quasi invicem elegeris. Vale.

Want, omdat jij mijn moeder respecteert als ouder, was je gewoon mij vanaf mijn kinderjaren meteen te vormen, te prijzen en te voorspellen dat ik zodanig zal zijn, zoals ik nu schijn aan mijn echtgenote. Dus wij betuigen dank aan jou om strijd, ik omdat je haar aan mij, zij omdat jij mij aan haar hebt gegeven, alsof jij ons voor elkaar hebt uitgekozen. Vaarwel.

vererere                                 = verereris; indicativus praesens passief; deponens

dederis                                   coniunctivus omdat quod een subjectieve reden aangeeft

elegeris                                  coniunctivus door quasi

ego quod t/m me sibi            parallellie; beiden zijn haar even dankbaar

 

Romeinse kalender